Morandi








Boven mijn bureautje hangt een brede strook krantenpapier met drie foto’s van olieverfschilderijen van Giorgio Morandi. Een landschap met een huis (Paesaggio, 1928) en twee stillevens (Fiori uit 1924 en Natura Morta uit 1956).

De schilderijen stonden, maanden geleden, afgebeeld in NRC's Cultureel Supplement bij een lang artikel over een Morandi tentoonstelling. In Io sono l’amore – een zijige ouwewijvenfilm trouwens, eerder een geanimeerd lifestyletijdschrift – zit een sequentie waarin een mevrouw een nonchalant armgebaar maakt naar twee Morandi’s die ze aan de muur heeft hangen terwijl ze vertelt dat ze die cadeau gaat doen aan een jong stel. Voor hun huwelijk.

Als ik achter m'n bureau zit, grinnik ik soms nog om die scène.

Het lijkt me grappig om 'echte' Morandi's cadeau te krijgen - ben haast bereid ervoor te trouwen - ook omdat ik benieuwd ben hoe het zou zijn om dag in dag uit met zulke prachtige schilderijen te leven, hoe lang je oog houdt voor grootmeesterschap en schoonheid.

Voorlopig ben ik heel gelukkig met de fotografische reproductie op dat krantenflard – ik vind ook echt dat Morandi’s getemperde, serene tinten erg mooi uitkomen op dat matte, doorschijnende papier.

En wat praktisch is: mocht ik ooit op dit toevallige drieluikje zijn uitgekeken, dan hoef ik niet te bellen met Sotheby’s of Christie’s, maar scheur ik die strook papier gewoon van de muur en gooi hem in de prullenmand. Zonder schuldgevoel.